Future Brief: DSO in doorontwikkeling: van regels naar richting

Decorative image

Van belofte naar ontwerpopgave

Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is gestart met een grote belofte. Een centrale digitale voorziening voor alle informatie en processen rond de fysieke leefomgeving die gebruikers in staat stelt om relevante informatie te raadplegen, vergunningsaanvragen en meldingen in te dienen via het Omgevingsloket. Met als doel meer inzicht, snellere en betere besluitvorming en een betere juridische houdbaarheid van besluiten.

Het DSO is inmiddels gemeengoed in veel organisaties. Het landelijke Omgevingsloket heeft sinds de lancering meer dan 2,7 miljoen unieke bezoekers gehad, met ruim 7,8 miljoen sessies. In 2024 werden bijna 194.000 vergunningen aangevraagd en ruim 147.000 meldingen ingediend.

Grote aantallen; gelijktijdig horen we geluiden uit de praktijk dat het DSO zijn belofte nog niet kan waarmaken. Dat het DSO deze op dag één zou kunnen inlossen, was niet de verwachting. Een stap voor stap realisatie is opportuun. Dan is het wel belangrijk dat we leren van wat er wel, en wat er niet goed werkt binnen het DSO, en daarop bijsturen. De tijd om bij te sturen is nu.  

Weg bewegen van het oude

De reflex van iedere systeemverandering is terug bewegen naar de oude vorm. In de praktijk pakt het DSO vaak uit als een digitale vertaling van oude logica en bestaande regels. Het moest het juist makkelijker maken om plannen te realiseren binnen de vernieuwde regels voor de fysieke leefomgeving, maar met de vele extra regels in het omgevingsplan is dat (nog) niet het geval.

Een initiatiefnemer die een plan heeft – bijvoorbeeld een kleine horecavoorziening aan huis of een zonnepanelenveld, ziet bij de start tientallen mogelijke activiteiten en vergunningstypes. Hij moet, als goedbedoelende leek, zelf achterhalen onder welke ‘activiteit’ zijn plan valt, terwijl de indeling vaak juridisch-technisch is en nauwelijks aansluit bij de bedoeling van het initiatief.

Wat bedoeld was als toegangspoort tot de Omgevingswet, is voor veel mensen een doolhof geworden. Gemeenten zien dat terug in de praktijk: verkeerde aanvragen, veel telefonische hulpvragen, en ambtenaren die alsnog handmatig moeten vertalen wat de initiatiefnemer eigenlijk bedoelt. Het systeem werkt technisch, maar niet ervaringsgericht. En precies daar zit de breuk met de bedoeling van de wet: eenvoud, samenwerking en vertrouwen.

Terug naar de bedoeling

De Omgevingswet draait niet om regels, maar om doelen: gezondheid, duurzaamheid, leefkwaliteit, en ‘bouwen, bouwen, bouwen’. Het DSO zou juist dat moeten faciliteren. In plaats van te vragen “Welke activiteit voert u uit?”, zou het systeem moeten beginnen met: “Wat wilt u bereiken in uw leefomgeving?”

Die omkering maakt het verschil. Niet het juridische kader staat centraal, maar de  maatschappelijke bijdrage. Zo wordt het mogelijk om beleid en ambities tastbaar te maken in het digitale domein.

Belangrijk is dat de doelen uit omgevingsvisies, van gemeenten, provincies en Rijk, niet langer verscholen blijven in documenten, maar zichtbaar worden in de digitale interactie. Wanneer een initiatiefnemer zijn idee bespreekt, kan het systeem laten zien aan welke beleidsdoelen hij bijdraagt. Daarmee wordt het DSO een hulpmiddel voor samenwerking, niet alleen voor vergunningverlening.

Naar een doelgedreven DSO

De volgende fase van de ontwikkeling van het DSO vraagt om een andere digitale logica. Ontwikkelingen zoals kunstmatige intelligentie (AI) en datagedreven werken (DW) kunnen hierin een sleutelrol spelen – niet als vervanger van de menselijke beoordeling, maar als gids die helpt betekenis te geven.

Stel een initiatiefnemer voor die via een slimme chatbot zijn plan bespreekt: “Ik wil een kleinschalige bed & breakfast beginnen, met zonnepanelen op het dak.” De chatbot herkent de intentie: toerisme, duurzaamheid, energietransitie. Vervolgens vertaalt het systeem dit naar relevante beleidsdoelen, regels en afwegingen. Niet als een onleesbare lijst met juridische termen, maar als begrijpelijke dialoog: “U draagt bij aan doel X en Y. Wilt u weten wat dat betekent binnen uw gemeente?”.

Zo ontstaat een doelgedreven route door het stelsel. Niet vanuit de vraag “mag dit?”, maar “hoe kan dit bijdragen aan wat we samen willen bereiken?”.

Wat daarvoor nodig is:

Onze NIS2 GAP-analyse bestaat uit een aantal stappen:

  • Van regels naar doelen: het systeem moet maatschappelijke doelen als vertrekpunt nemen, niet juridische categorieën. Een regelgedreven inrichting bemoeilijkt initiatieven, in plaats van ze te stimuleren. We kunnen niet zonder deze juridische regels, maar we kunnen ze wel anders positioneren.
  • Van formulieren naar dialoog: gebruikersinteractie moet betekenisvol en contextgericht zijn. De klantreis kan vanaf het eerste moment een positieve ervaring zijn, als de initiatiefnemer zich gezien en gehoord voelt. Dat de uitkomst misschien anders is dan zij of hij wenst, doet daar niets aan af.
  • Van data naar waarden: beleid moet digitaal uitlegbaar worden, zodat AI kan aangeven waarom iets wel of niet past. Wanneer we alle data die het DSO tot nu toe verzameld heeft plaatsen in de context van de bedoeling, ontstaat informatie. Over wat initiatiefnemers willen en welke uitkomsten daarop zijn. We kunnen hiermee kennis opdoen  .
  • Van automatisering naar regie: de overheid behoudt het primaat over keuzes, AI ondersteunt en maakt inzichtelijk. Door algoritmen vast te leggen in het algoritmeregister, zodat deze openbaar en transparant zijn, versterken we bovendien de democratische controle op de Omgevingswet.

Dit is niet alleen een technische opgave, maar ook een bestuurlijke en culturele. En die laatste kunnen we niet met moderne technologie tot stand brengen. Een cultuur van samenwerken in plaats van tegenwerken, en besluitvorming vanuit empathie in plaats vanuit voorkomen van ‘gedoe’ zijn nodig om de gewenste beweging in gang te zetten. Het DSO kan deze beweging helpen door het voor initiatiefnemers makkelijker, duidelijker en logischer te maken.

De rol van NCOD

NCOD helpt overheden die deze transitie willen maken. Wij begrijpen hoe technologie, beleid en bestuur elkaar beïnvloeden, en waar ze elkaar versterken. Onze adviseurs werken aan de verbinding tussen digitale innovatie en bestuurlijke logica. We ontwerpen governance, processen en interacties waarin technologie de publieke bedoeling versterkt, niet vervangt.

Concreet werken we aan:

  • bestuurlijke kaders voor verantwoord gebruik van AI
  • ontwerp van doelgedreven digitale processen
  • begeleiding van overheden bij de doorontwikkeling van hun dienstverlening

Wij geloven dat de digitale overheid pas echt werkt als zij de taal van beleid én van mensen spreekt.

De opgave van nu

De doorontwikkeling van het DSO is geen ICT-project, maar een maatschappelijke ontwerpvraag. Wie nu durft te ontwerpen vanuit doelen, waarden en samenwerking, maakt het stelsel toekomstbestendig.

De digitale overheid van morgen begint bij de bedoeling van vandaag.

We denken graag met je mee!

Voor meer informatie, stuur een bericht naar info@ncod.nl